Code van goede praktijk voor gebruik grijpers

Stofemissies kunnen ontstaan tijdens het hijsen, zwenken, vieren en het openen van de grijpers. Bij deze activiteiten  is aandacht voor een goede praktijk dan ook essentieel.

Hijsen, zwenken, vieren:

  • grijpers die bovenaan geopend zijn, mogen niet overladen zijn
  • zorgen dat de schalen van de grijper gesloten zijn bij het hijsen, zwenken en vieren
  • geen te bruuske bewegingen bij het zwenken (geleidelijk snelheid van het zwenken opdrijven)

Openen:

  • grijper traag openen
  • openen boven storthoop: grijper zo laag mogelijk (maximaal enkele meters) openen
  • openen boven  de laadruimte van een vaartuig: grijper pas openen nadat deze tot in de laadruimte is gedaald. Specifiek voor schepen dient hierbij wel vermeld dat in de nabijheid van de brug of de stuurhut men de grijpers om veiligheidsredenen slechts tot net boven de brug of stuurhut kan laten zakken.
  • openen in storttrechter (hopper): grijper pas openen als hij onder de bovenwanden van de storttrechter is gezakt.

Indien grijpers gereinigd worden met water moet dit zonodig passend behandeld worden voor het geloosd wordt.

Toepassingsgebied

Alle overslagactiviteiten met behulp van grijpers.

Stofemissies

Deze maatregelen hebben zowel een directe als indirecte invloed op de stofemissies .

Andere milieu-impact

Water/bodem

Bepaalde maatregelen zijn erop gericht om  morsen te vermijden. Hierdoor wordt mogelijke vervuiling van de bodem en/of het water tegengegaan.

Afval

In gevallen waar mors niet gerecupereerd kan worden (vb. omwille van kwaliteitseisen) hebben morsbeperkende maatregelen als gevolg dat minder afval wordt gegenereerd.

Economische informatie

Het zorgvuldig nemen van deze maatregelen zou kunnen leiden tot een vertraging van de processen van laden en lossen. Er zijn echter geen cijfers beschikbaar over de mogelijke economische impact hiervan.