Richtlijn schadegevallen en evaluatierapport gewijzigd!

Gepubliceerd op 31/03/2017

 

    

Zoals al aangekondigd in de richtlijnen bodemsaneringsdeskundigen van 17 januari 2017 zijn er enkele wijzigingen gebeurd in de 'richtlijn schadegevallen en evaluatierapport'.

Een van de aandachtspunten is dat de bodemsaneringsdeskundige erop moet toezien dat de bevoegde overheid de bodemverontreiniging kwalificeert als ontstaan door een schadegeval en ook aanvaardt dat de schadegevallenprocedure, zoals vermeld in artikel 74 tot en met 82 van het Bodemdecreet, van toepassing is. Die beslissing van de bevoegde overheid veruitwendigd zich in een besluit dat aan de saneringsplichtige wordt bezorgd en waarin maatregelen ter behandeling van de bodemverontreiniging worden opgelegd.

Dat besluit van de bevoegde overheid geldt als meldingsakte of omgevingsvergunning. Het is dan ook noodzakelijk dat de bodemsaneringsdeskundige erop toeziet dat het afgeleverde besluit overeenstemt met de effectief uit te voeren meldings-of vergunningsplichtige maatregelen. Indien nodig vraagt u tijdig aan de bevoegde overheid om een aangepast besluit te bezorgen.

Na afronding van de maatregelen ter behandeling van de bodemverontreiniging bij schadegevallen moet de deskundige zo spoedig mogelijk een evaluatierapport aan de bevoegde overheid en de OVAM bezorgen.  

Het evaluatierapport vormt namelijk het bewijs dat de noodzakelijke maatregelen ter behandeling van de bodemverontreiniging binnen de honderdtachtig dagen werden uitgevoerd.

De OVAM verzoekt u hierbij om het evaluatierapport ten laatste dertig dagen na het verstrijken van de termijn van honderdtachtig dagen, ter behandeling van het schadegeval, aan de bevoegde overheid en de OVAM te bezorgen.

Wanneer de OVAM van oordeel is dat een redelijke termijn voor het indienen van het evaluatierapport verstreken is, kan immers gesteld worden dat er geen bewijs is dat er maatregelen in het kader van de schadegevallenprocedure werden uitgevoerd, noch dat die binnen de wettelijke termijn van honderdtachtig dagen werden uitgevoerd. De OVAM kan volgens die redenering niet anders dan de persoon in kwestie, overeenkomstig artikel 9 en 11 van het Bodemdecreet, te wijzen op zijn zelfstandige saneringsplicht. Verdere maatregelen binnen de schadegevallenprocedure zouden dan niet meer uitgevoerd kunnen worden en een evaluatierapport zou dan niet meer ingediend moeten worden.

Als u vaststelt dat deze termijn voor een bepaald dossier niet haalbaar is, dan verzoeken wij u ten stelligste om de gemeente en de OVAM hierover tijdig in te lichten.

Wij willen hiermee vermijden dat de gemeente of de OVAM steeds zelf contact moet opnemen met de bodemsaneringsdeskundige om een stand van zaken op te vragen. Dit na het verstrijken van de termijn van 180 dagen ter behandeling van de bodemverontreiniging ingevolge het schadegeval.

Meer informatie

www.ovam.be/bodemsaneringsdeskundigen-en-schadegevallen

 

Bron: De Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij