14/01/2020

Instrumentendecreet: stand van zaken

Terug naar artikeloverzicht

De opmaak van een instrumentendecreet  is opgestart tijdens de vorige regeerperiode. Daarbij staat een omgevingsbeleid vanuit gebiedsgerichte realisaties voorop, in combinatie met een verbeterd instrumentarium. Het instrumentendecreet moet de nodige tools voorzien voor overheden en andere actoren die op het terrein met ruimtelijke ontwikkelingen bezig zijn, om te komen tot realisatie van hun ruimtelijke projecten.

Stand van zaken

De Vlaamse regering keurde op 20 juli 2018 het voorontwerp van decreet over het realisatiegericht instrumentarium ('instrumentendecreet') voor de tweede keer principieel goed. Daarop verleende de Raad van State haar advies op 30 oktober 2018. Op 20 december 2019 keurde de Vlaamse Regering het ontwerp van decreet definitief goed met het oog op indiening bij het Vlaams Parlement.

Na goedkeuring door het Vlaams Parlement, zullen voor de operationalisering van het instrumentendecreet één of meerdere uitvoeringsbesluiten nodig zijn.

Met dit ontwerp van decreet geeft Vlaams minister van Omgeving Zuhal Demir uitvoering aan het Vlaams Regeerakkoord waarin een snelle beslissing over dit decreet werd vooropgesteld.

Inhoud van het ontwerp van het instrumentendecreet van 20 december 2019

De focus van het ontwerp van decreet ligt op vereenvoudiging, transparantie en gebruiksvriendelijkheid. Essentieel is de aanbouwfilosofie van het decreet. De instrumentenkoffer uit het landinrichtingsdecreet van 2014 wordt zo verruimd met bestaande, verbeterde en nieuwe instrumenten. Nieuwe of later ontwikkelde instrumenten moeten op een later tijdstip een plaats kunnen krijgen in het decreet.

  • Harmonisering van instrumenten
    Het ontwerp van decreet herleidt de bestaande compenserende vergoedingen tot een eigenaarsvergoeding (voor kapitaalsverlies) en een gebruikersvergoeding (voor inkomstenverlies).  De procedurele harmonisatie impliceert voor de planschadevergoeding een belangrijke overschakeling van een gerechtelijke naar een administratieve afhandelingsprocedure met een belangrijke rol voor de landcommissie. De berekening van de eigenaarsvergoeding wordt in zijn geheel gezet op 100% van het waardeverlies en niet meer op 80%. Zo zal wie planschade lijdt bij bv. de omzetting van bouwgrond naar natuur, 100% van het waardeverlies vergoed worden i.p.v. 80%. Een andere belangrijke aanpassing is dat bij alle compenserende vergoedingen, het recht onmiddellijk ontstaat na de inwerkingtreding van het betreffende ruimtelijk uitvoeringsplan (bij de planschadevergoeding) of de beschermingsmaatregel.

    Gelijktijdig wordt het maximale heffingspercentage voor planbaten opgetrokken van 30% naar 50%. Het instrumentendecreet beoogt eveneens de harmonisatie van verschillende sectorale koopplichten die al in de eigen regelgeving voorwaarden bevatten. Het gaat daarbij over de invulling van twee criteria, met name de ernstige waardevermindering van het onroerend goed en het ernstig in het gedrang komen van de leefbaarheid van de bestaande bedrijfsvoering.
     
  • Nieuwe instrumenten
    • Introductie van activiteitencontracten en –convenanten
      Hiermee wordt een oplossing beoogd voor tijdelijke kleinschalige en zonevreemde economische activiteiten en meergezinswoningen die ruimtelijk aanvaardbaar zijn in bestaande en niet-verkrotte gebouwen in agrarische en parkgebieden. Dit systeem leunt aan bij een burgerrechtelijke benadering met een convenant (beleidsovereenkomst tussen de Vlaamse Regering en een gemeente) en een individueel activiteitencontract (tussen de gemeente en de burger) in plaats van de klassieke vergunningverlening. Met dit nieuw instrument wordt ingezet op het reconversievraagstuk van vrijgekomen gebouwen in agrarisch gebied waar momenteel geen gebruikswaarde voor landbouw aanwezig is.
    • Verhandelen van ontwikkelingsrechten.  
      Daarbij worden beperkingen van ontwikkelingsmogelijkheden vergoed uit meerwaarden van winstgevende ontwikkelingen elders. Het voorontwerp van decreet biedt de decretale basis voor  een regionale toepassing van overdraagbare ontwikkelingsrechten. De instrumenten die hier aan zet zijn, zijn het convenant, het ontwikkelingsrechtenplan en het RUP.
    • Billijke schadevergoeding
      Dit is een schadevergoeding die de overheid uitzonderlijk betaalt aan eigenaars wanneer een vergunning om te bouwen of te verkavelen onuitvoerbaar wordt door een overheidsmaatregel. De overheidsmaatregel is van die aard dat ze tot een volledig bouwverbod zal leiden.
       
  • Optimalisatie van bestaande instrumenten
    Het ontwerp van decreet voorziet in verbeteringen van bestaande instrumenten. Zo wordt de afstemming tussen natuurinrichting en landinrichting, door de inzet van de instrumenten uit het decreet landinrichting mogelijk gemaakt ter uitvoering van een natuurinrichtingsproject. Daarnaast  worden in onbruik geraakte erfdienstbaarheden tot openbaar nut, opgeheven. Ook moet het decreet instrumenten aanpassen zodat overheden over bijkomende middelen beschikken om hun ruimtelijk beleid te realiseren. Het gaat om de lasten bij omgevingsvergunningen en de planbaten. De optimalisatie van de lasten is vooral gericht op de last als financiële bijdrage en een betere afdwingbaarheid. De planbatenregeling wordt bijgesteld door een aangepaste berekeningswijze, grondslag en afwijking op de betaalbaarheid. 

Achtergrond

Het instrumentendecreet heeft als doel bestaande realisatiegerichte instrumenten te bundelen, bestaande instrumenten te verbeteren en nieuwe regelgeving te ontwikkelen voor ontbrekende (realisatiegerichte) instrumenten. 

Op die manier brengen we grondgebonden en realisatiegerichte instrumenten uit het beleidsdomein Omgeving decretaal samen, met een focus op vereenvoudiging, transparantie, afstemming, leesbaarheid en gebruiksvriendelijkheid. Doelstellingen die ook in het huidig Vlaams Regeerakkoord centraal staan, samen met een ambitieus omgevingsbeleid en een sterk maatschappelijk draagvlak voor de aangekondigde bouwshift.   

De Vlaamse Landmaatschappij en het Departement Omgeving realiseerden samen dit project bestaande uit twee grote onderdelen:

  • het instrumentendecreet, met een instrumentenbox en een motiveringsplicht tot instrumentenafweging
  • een instrumentengids als handleiding voor de gebruiker

Instrumentendecreet, met instrumentenbox en toetsingskader

Het instrumentendecreet wordt opgevat als een nieuw aanbouwdecreet. Dat betekent dat in een eerste fase wordt gewerkt rond een vaste set van “omgevingsinstrumenten”. Welke dat zijn, leest u in de conceptnota die de Vlaamse Regering op 13 mei 2016 goedkeurde. In een latere fase kunnen ook andere en later ontwikkelde instrumenten een plaats krijgen in het instrumentendecreet.

Bestaande, verbeterde en nieuwe instrumenten worden gebundeld in een instrumentenbox. Daarnaast wordt een  verscherpte motiveringsplicht opgelegd, om instrumenten onderling af te wegen bij ruimtelijke projecten, plannen of programma’s.

Een instrumentengids als handleiding voor de gebruiker

Deze gids biedt de gebruiker een transparant beeld te bieden van de instrumentenbox en duidelijkheid over de reglementaire tekst, de aanwending en procedures van die instrumenten. Analoog aan de aanbouwfilosofie van het instrumentendecreet kan de instrumentengids in een latere fase worden uitgebreid met andere en niet-decretale realisatiegerichte instrumenten.

Aankondiging van openbare onderzoeken

 

Bron: Departement Omgeving, Vlaamse Overheid