BBT voor schrootverwerking en sloperij

Dit BBT-rapport bestudeert de milieu-impact van schroothandelaars en -verwerkers en sloperijen in Vlaanderen en selecteert de Beste Beschikbare Technieken om hun milieu-impact te voorkomen of te beperken. De studie geeft aanbevelingen in verband met de milieuvoorwaarden, in de eerste plaats gericht op de compartimenten (disciplines) bodem en grondwater, (oppervlakte)water en lucht, en in verband met ecologiepremie.

Schroothandelaars en -verwerkers richten zich op het inzamelen en bewerken  van schroot. Het bewerken van schroot omvat het sorteren, scheiden en verkleinen, waaronder shredden. Sloperijen scheiden afvalstoffen die nog gevaarlijke componenten bevatten in een gevaarlijke en niet-gevaarlijke fractie. De studie bestudeert enkel het slopen van voertuigwrakken, afgedankte elektrische en elektronische apparatuur en schepen. Verder wordt ook ingegaan op de verwerking van beeldbuisglas (d.i. een restfractie van TV’s en monitoren).

Verontreiniging van bodem en grondwater, (oppervlakte)water en lucht (door voornamelijk stof) en in mindere mate, gebruik van energie en geluids- en trillingshinder vormen aandachtspunten bij schroothandelaars en -verwerkers. Bij sloperijen vormen voornamelijk verontreiniging van bodem en grondwater, (oppervlakte)water en lucht aandachtspunten.

De studie bestudeert enkel hoe de milieu-impact van de bestaande installaties in Vlaanderen kan worden beperkt. Het evalueren van de bestaande verwerkingstechnieken en het vergelijken van de milieu-impact van verschillende verwerkingsscenario’s komt niet aan bod.

De gegevens uit deze studie zijn geactualiseerd tot september 2007.

De studie als PDF downloaden (2.25 MB)

Contact

Bij vragen over deze studie kan u contact opnemen met Caroline Polders

Tools

De technieken uit deze en andere BBT-studies doorzoeken via de BBT-databank.

Relevante wetgeving

Deze studie bespreekt het verwerken van schroot en het slopen van voertuigwrakken, schepen en afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA). Ze richt zich dus in hoofdzaak op inrichtingen waarvan de kernactiviteiten thuishoren onder een of een combinatie van volgende rubrieken uit Bijlage 1 van Vlarem II:

  • Opslag en sorteren van gevaarlijke afvalstoffen uit schroot, voertuigwrakken, schepen en AEEA: 2.2.1 e
  • Opslag en mechanisch behandelen van schroot, voertuigwrakken, schepen en AEEA: 2.2.2 c, d, e, g

Andere relevante milieuwetgeving kan u consulteren via de links naar bovenstaande rubrieken.

Gerelateerde studies