Zevende uitbreiding van het erkend natuurreservaat E-034 “Burreken” te Brakel, Horebeke en Maarkedal

Gepubliceerd op 08/03/2019

Op 11 januari 2019 ontving de Minaraad de adviesvraag betreffende de zevende uitbreiding van het erkend natuurreservaat E-034 “Burreken” te Brakel, Horebeke en Maarkedal. 

De Minaraad stelt dat in de Raad werd beslist om over dergelijke dossiers geen advies uit te brengen, in lijn met het unaniem advies van de Minaraad 2012|77 van 25 oktober 2012, naar aanleiding van de evaluatie van de instrumenten van natuur- en bosbeleid in functie van instandhoudingsdoelstellingen (par. 49, alinea 2).

De partners in de Minaraad wensen hierbij evenwel volgende bemerkingen naar voor te brengen.

Landelijk Vlaanderen

Landelijk Vlaanderen stelt dat door het wijzigingsdecreet 2014 er bij alle nieuwe erkenningen van reservaten of uitbreidingen sinds 2014 geen visiegebieden nog kunnen afgebakend worden en geen uitbreidingszones met voorkooprecht nog kunnen bepaald worden en dus ook niet voor dit reservaat.  

Landelijk Vlaanderen wijst op het feit dat het wijzigingsdecreet van 2014 in artikel 106 §2 tweede lid bepaalt dat in de drie jaar na de inwerkingtreding van artikel 88 de uitbreidingszones van bestaande erkende reservaten herafgebakend moeten worden en zo vastgesteld zijn door de VR.  Artikel 106 is in werking getreden in 2014 en die bevestiging moest dan in 2017 van kracht zijn. Door de afwezigheid ervan zijn de geldigheid van de uitbreidingszone en de rechtsgevolgen ervan voor dit reservaat niet bevestigd.  

Boerenbond

De percelen die ter erkenning aangevraagd worden sluiten aan bij de reeds erkende percelen en vallen onder de habitatrichtlijn.

Er wordt echter ook een uitbreiding van het visiegebied aangevraagd:

Boerenbond stelt dat in het kader van het gewijzigde Natuurdecreet geen nieuwe uitbreidingszones en visiegebieden of uitbreidingen aan bestaande uitbreidingszones en visiegebieden meer kunnen goedgekeurd worden.

De oostelijke aangevraagde uitbreiding valt onder habitatrichtlijngebied, maar de westelijke aangevraagde uitbreiding niet. Natuurpunt wil dit tot het visiegebied betrekken omdat er wel een goed ontwikkelde boskern aanwezig is. De westelijke aangevraagde uitbreiding staat op het gewestplan ook ingekleurd als landschappelijk waardevol agrarisch gebied, buiten de boskern dan.

Natuurpunt

Natuurpunt stelt deze behandelde aanvraag tot erkenning als natuurreservaat werd ingediend volgens de wetgeving van het 'Natuurdecreet' (1997). Het dossier dient dan ook volgens die wetgeving afgehandeld te worden.

Hubertus Vereniging Vlaanderen

Hubertus Vereniging Vlaanderen (HVV) wenst op te merken dat onvoldoende/geen aandacht wordt geschonken aan het afstemmen van het beheer in het natuurreservaat en de omliggende beheervormen. Jacht is daar één vorm van. In alle Wildbeheereenheden (WBE’s) waar dit gebied is gelegen werd een Uitgebreid Wildbeheerplan (UWBP), of zelfs een faunabeheerplan opgesteld. Hierin worden monitoring en doordachte analyse beschreven om vandaaruit een onderbouwd en evenwichtig beheer uit te werken Elk van deze plannen werd erkend door de overheid en is ter beschikking bij de WBE en de provinciale afdelingen van het ANB. In het voorliggende uitbreidingsdossier wordt geen aandacht geschonken aan deze beheerplannen, waardoor men een deel van de cruciale informatie voor een evenwichtig beheer in het reservaat, maar zeker ook naar de interactie met de omgeving mist.

Bij de vraag tot ontheffingen in hoofdstuk 7 wordt op geen enkele manier de mogelijkheid gecreëerd om op een duurzame manier de wilde fauna te beheren. Meer zelfs, het dossier vermeldt expliciet dat het gewone jacht, bijzondere jacht en bestrijding niet wordt toegestaan. Enerzijds een vermelding die niet nodig is daar het doden van dieren in beginsel niet is toegestaan in een erkend natuurreservaat, dan wel als er hiervoor een ontheffing werd gegeven. Anderzijds impliceert dit automatisch dat veroorzaakte wildschade van soorten die afkomstig zijn uit dit gebied dient vergoed te worden door het Fonds voor Preventie en Sanering inzake Leefmilieu en Natuur. Met andere woorden, zullen maatschappelijke financiële middelen moeten ingeschakeld worden, omdat de eigenaar/beheerder van dit gebied geen inspanningen doet of wil laten doen door derden. Dit staat in schril contrast met de steeds krappere begrotingsbudgetten voor natuur. Conform de criteria ‘duurzame jacht’ (INBO.R.2007.22), is het beperken en voorkomen van wildschade een taak die weggelegd is voor de jager. Zij voeren hun beheer kosteloos uit en worden automatisch verantwoordelijk voor de eventuele wildschade die nog zou ontstaan. HVV pleit in deze dan ook voor het toestaan van jacht als recreatief medegebruik dat enerzijds het totaalbeheer van de fauna in de regio bevordert, maar bovenal maatschappelijke middelen vrijmaakt dat voor andere en betere doeleinden binnen de natuur kunnen aangewend worden.

Bovendien kan men onder hoofdstuk 7 lezen dat er conform artikel 17, 20 en 23 van het soortenbesluit gevraagd wordt om soorten te herintroduceren in het reservaat. Soorten die hier onder andere onder vermeld staan zijn fazant en Canadese gans, doch de lijst is niet limitatief. Enerzijds is fazant een soort waarvoor de afgelopen jaren zelfs het uitbroeden van eieren van bedreigde nesten niet meer mogelijk is voor faunabeheerders en moet er de vraag gesteld worden waarom dit dan wel nuttig kan zijn voor het natuurbeheer. Anderzijds is Canadese gans een jachtwildsoort, die weliswaar als niet inheems kan beschouwd worden, een soort die in heel Vlaanderen bestreden wordt. HVV vraagt zich dan ook af hoe dergelijke passage kan opgenomen worden in een ‘geïntegreerd natuurbeheerplan’ waarbij we de focus moeten leggen op de bestaande waarden, eerder dan te moeten (her) introduceren. Tevens kan de vraag gesteld worden waarom de ontheffing dan ook niet specifieert voor welke soorten dit limitatief zal gelden.

Zevende uitbreiding van het erkend natuurreservaat E-034 “Burreken” te Brakel, Horebeke en Maarkedal

 

Bron: Minaraad, Vlaamse Overheid