Decreet Landinrichting schaft ’instrumentenkoffer’ om projecten op maat te realiseren

Gepubliceerd op 20/12/2013

De Vlaamse Regering heeft op voorstel van Vlaams minister van Leefmilieu Joke SCHAUVLIEGE, minister-president Kris PEETERS, ook bevoegd voor Landbouw, en minister van Ruimtelijke Ordening Philippe MUYTERS het voorontwerp van decreet Landinrichting definitief goedgekeurd. Het decreet biedt een ‘instrumentenkoffer’ die moet toelaten plannen en projecten op het terrein vlugger, efficiënter én op maat te realiseren, en er een flankerend beleid aan te koppelen.

Dit decreet Landinrichting realiseert de wens om een ruime instrumentenkoffer uit te bouwen voor de inrichting en het beheer van het platteland en lost de belofte uit het regeerakkoord in om het flankerend beleid via een decreet uit te werken.
Concreet worden een aantal instrumenten bijeengebracht die inrichtingsdossiers flexibel en vlot moeten kunnen realiseren, en die de gevolgen van een plan, project of programma voor bewoners of bedrijven in de omgeving, rechtszeker en éénduidig kunnen verhelpen.
Die instrumenten kunnen ingeschakeld worden voor:

  • de inrichting van gronden: inrichtingswerken, het vestigen van erfdienstbaarheden voor openbaar nut en vergoedingen voor waardeverlies van gronden;
  • het beheer van gronden: vrijwillige beheerovereenkomsten en verplichte dienstenvergoedingen;
  • grondverwerving en -mobiliteit: naast grondverwerving zelf, staan instrumenten ter beschikking zoals het recht van voorkoop, vrijwillige herverkaveling en herverkaveling uit kracht van wet eventueel gecombineerd met planologische ruil.

Het gaat om concrete projecten als o.a. de realisatie van de Natura 2000-gebieden via de instandhoudingsdoelstellingen (IHD’s), de aanpak van overstromingsgevoelige gebieden en de aanleg van grote infrastructuurwerken (wegen , waterwegen ...).
Bij een verstrekkende impact op het gebruik van de ruimte, gaat een en ander gepaard met flankerende maatregelen zoals vergoedingen bij lokale grondenbanken, vrijwillige verplaatsing, stopzetting en reconversie van bedrijven en koopplicht door de overheid. Tot nu toe werden deze flankerende maatregelen ad hoc en zeer verscheiden ingezet bij diverse infrastructuurwerken. Dit decreet neemt de financiële planning voor de uitvoering van de plannen, al pro-actief op in de plan- of uitvoeringsprocedure. Dat leidt tot een betere afweging en meer uniformiteit bij de toepassing van flankerende maatregelen.

De instrumenten kunnen toegepast worden om een landinrichtingsproject uit te voeren maar ook voor elk plan, project of programma dat goedgekeurd is door de Vlaamse Regering, het provincie- of het gemeentebestuur. Private en lokale partners die de overheidsdoelen mee helpen uitvoeren, kunnen een gepaste vergoeding ontvangen. Daarnaast worden de oorspronkelijke overlegstructuren en procedures zoveel mogelijk vereenvoudigd.

Minister van Leefmilieu Joke Schauvliege: “Dit decreet Landinrichting maakt een droom van de Vlaamse Landmaatschappij waar. Van bij haar oprichting, 25 jaar geleden, hoopte de VLM, die als één van haar hoofdtaken heeft om het platteland in te richten en te beheren, instrumenten bijeen te brengen om vlotter, efficiënter en goedkoper inrichtingsdossiers te realiseren. Dit decreet biedt daar eindelijk een praktisch antwoord op.”

Vlaams minister-president Kris Peeters: ”De noodzakelijke realisatie van projecten gaat meestal gepaard met een impact op de ruimere omgeving, inwoners en bedrijven. Met de decretale verankering van het flankerend beleid bieden we nu ook voor de betrokkenen meer rechtszekerheid, en realiseren we de belofte uit het regeerakkoord.”

Minister van Ruimtelijke Ordening Philippe Muyters: “Door het nieuwe decreet zullen we burgers gemakkelijker kunnen overtuigen om hun eigendom af te staan, omdat ze meteen weten waar ze een nieuw stuk grond krijgen of hoe ze financieel vergoed zullen worden. Tot nu was de compensatie voor wie een eigendom dreigde kwijt te raken – bv. bij de aanleg van een nieuwe weg – niet meteen concreet. We willen onmiddellijk zekerheid bieden aan eigenaars en gebruikers. Daardoor zullen de plannen ook sneller uitgevoerd kunnen worden.”

Bron : Persmededeling van de Vlaamse Regering